KIM SNIJDERS

SUNSHINE MIXED WITH A LITTLE HURRICANE

‘Wel eng hé om weer in de trein te zitten.’

Een uur geleden liep ik via de stationstunnel richting de vervangende bussen. Daar stonden twee conducteurs te wachten. We begroeten elkaar en ze vragen waar ik heen moet. Station Hardenberg is mijn eindpunt vertel ik ze. Ze leggen me uit welke bus ik het beste kan pakken, maar helaas moet ik daar nog wel tien minuten op wachten. Ik maak een praatje met de mannen en ze maken een ontspannen indruk op me.

Ik condoleer ze met het verlies van hun collega. Ze zeggen dat ik de eerste passagier ben die hun condoleert. Dat verbaasd me. Iedereen heeft het erover maar niemand lijkt op te merken dat er ook heel wat mensen hun collega hebben verloren. Dezelfde mensen die ook op de plek van hun collega hadden kunnen zitten. Een dag na het nieuws staan ze er gewoon, klaar om mensen verder te helpen.

Dinsdag werd ik tegen twaalf uur wakker. Meestal zijn winkels op maandag dicht maar bij mijn stageplek is de winkel op dinsdag gesloten. Anders had ik in die trein gezeten. Dit vertel ik aan de conducteurs en ze glimlachen vriendelijk. Dit had iedereen kunnen overkomen.

De bus stopt voor mijn neus en ik bedank de conducteurs voor de uitleg. ‘We doen gewoon ons werk mevrouw’ krijg ik terug. Ik glimlach en stap de bus in. Mijn oordopjes doe ik in en luister naar Cherry Wine van Hozier. Onderweg denk ik na over de woorden van de twee mannen. Wanneer zij zo vriendelijk en zo ontspannen mij gerust kunnen stellen zonder het erover te hebben, dan snap je echt je vak. Dan is er geen plek voor angst.

Station Ommen, woensdagochtend. Ik loop van de bus naar het perron en stap de trein in. Vierentwintig uur geleden stond hier geen trein te wachten op passagiers. Vierentwintig uur geleden ontspoorde die trein. Ik stap naar binnen en ga zitten. Tegenover mij gaat een oudere vrouw zitten. ‘Wel eng hé om weer in de trein te zitten.’ zegt ze. Ik kijk haar aan en zeg dat ik dat niet vind.

comments powered by Disqus